Durf ook even stil te staan, juist als alles steeds sneller gaat

Verandering, vernieuwing, innovatie en liefst steeds sneller. Het biedt natuurlijk vele kansen om ons talent te ontwikkelen, voor groei, succes, carrière en zelfontplooiing. Maar verandering en met name de steeds toenemende snelheid daarvan vraagt ook wat van mens en maatschappij. Want een ding is zeker, voordat je gewend bent aan iets nieuws, voordat je iets geleerd hebt, is het de volgende dag alweer verouderd. Alles is in beweging. Niemand weet waarom en vooral niemand kan weten in welke richting we bewegen. Maar het ergste wat je kunt doen is stilstaan volgens deze gedachte, want stilstaan is achteruitgang. Maar af en toe even stilstaan en echt ervaren is zo slecht nog niet.

Waarom is snelheid (alles moet sneller, fastfood, van baan veranderen, koken, communiceren, thuisbezorging, ….) een doel geworden. Het gaat veelal ten koste van de kwaliteit en de beleving. Een activiteit en de ervaring die je daarmee opdoet wordt gemarginaliseerd tot een vinkje op een bucket list. Ook weer gedaan op naar de volgende, geen enkele ruimte overlatend voor het ervaren van de impact van de belevenis, want we kijken al weer verder naar de volgende bucket.

Geleefd worden door je bucket list als ideaal?

Zo bezien is de bucket list niet veel anders dan de persoonlijke variant van de spreadsheet van de organisatie, dia alles afvinkt maar zich niet afvraagt waarom, wat is het hogere doel, draagt het bij aan mijn ambitie, de maatschappij, de behoeften van mij of anderen om mij heen? Do more, feel beter, live longer. Is het overheersende kwantitatieve doel in een accelererende cultuur. Meer te kunnen (ongeacht wat je kunt), je beter te voelen (ongeacht de reden voor je gevoelens), en langer te leven (ongeacht de kwaliteit en de betekenis van de jaren die je leeft). Het probleem in een accelererende cultuur in een notendop, met een almaar groeiend aantal mogelijkheden die nu al nooit meer in één mensenleven passen: Ik bereik nooit genoeg. Ik heb niet voldoende motivatie, gevoelens en passie. Ik ben moe.

In een versnellende cultuur is verandering de norm. Vastigheid en loyaliteit wordt niet gewaardeerd. Vanuit het idee als je je verbindt aan iets bepaalds, dan sluit je je af van alle andere interessante plekken/ mensen / mogelijkheden. Maar tegelijkertijd ontzeg je jezelf de mogelijkheid voor de diepere ervaring dan de oppervlakkig checklist cultuur. Je ervaart dan kwantiteit in plaats van kwaliteit. Veel gedaan, weinig ervaren

Het gevolg is dat steeds minder mensen in demografische-, arbeidsmarkt- of relationele zin wortelschieten. We veranderen vaker van baan, hobby, club, partner, woonplaats en spullen dan ooit tevoren. Wat blijft er dan over voor onze sociale behoefte van verbinding. Hoe raak je voor langere tijd verbonden met andere mensen, of met een plek waar je graag bent, of wat is er dan over van loyaliteit? Snelheidsverhoging leidt tot een algemene vervreemding van elkaar en van onze spullen (van alle technische hoogstandjes / vernieuwingen in bijvoorbeeld een smart phone of in een auto wordt het merendeel nooit gebruikt) en het ervaren van een permanent gevoel van tijdsgebrek.

En niet alleen zijn we zelf bezig om zoveel mogelijk in ons volle leven te stoppen. Iets wat gedoemd is om te mislukken. Ook bedrijven doen niet anders. Te veel projecten / werk  in te korte tijd, geen tijd om effecten te evalueren en ook dat leidt tot het gevoel van een permanent tijdsgebrek en vervreemding van de maatschappij waar in je steeds meer te gast bent en minder mee verbonden raakt. Trouwens wel een maatschappij die jou de markten (leveranciers, consumenten, werknemers) biedt voor je bedrijf.

Het voordeel van twijfel bij versnelling.

In een accelererende cultuur is dan ook geen plek voor degene die twijfel toont bij een verandering, degene die de oude schoenen pas weggooit als de nieuwe beter blijken te zijn. Stabiliteit en twijfel zijn zo bezien geen positieve eigenschap in een versnellende wereld.

Maar twijfel heeft ook nut. Openlijke twijfel. Twijfel en stabiliteit is de basis voor gemoedsrust in een wereld die al maar sneller gaat. Twijfel zorgt ervoor dat je open gaat staan voor anderen. Twijfelen is heel legitiem, twijfel bevordert de nadenkendheid. Het helpt je stil te staan en trouw te zijn aan de essentiële dingen van het bestaan.

Oproep tot onnadenkendheid?

‘Just do it’, zet aan tot onnadenkendheid. De meeste problemen ontstaan door daadkrachtige ‘mannen’  die van mening zijn dat alleen zij de waarheid kennen, en daar niet meer over twijfelen.

Bij twijfel toelaten hoort ook tolerantie, anderen kunnen er een ander wereldbeeld op na houden en die van jou is alleen maar ok zolang er geen betere voor jou is. Het doel van twijfel is dan ook niet om een chagrijnige azijn-zeiker te worden die tegen alle verandering is, maar om meer gemoedsrust en stabiliteit in een accelererende cultuur te bereiken. Openlijk twijfelen en aarzelen met argumenten kan een alternatief bieden voor alsmaar achter de volgende vernieuwing aanrennen. Zonder na te denken over de  betekenis of over de richting waar je naar toe wilt.

Advertenties
Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Druk om vooral positief te denken, ontneemt het zicht op de realiteit

Door het conformeren aan de heersende mening, dat als je maar overtuigd bent van hetgeen je wilt je dit ook kunt bereiken, worden de luchtkastelen van bedrijven en medewerkers steeds groter en komen de plannen en ambities los te staan van de praktijk.

Adviezen te over, om zo positief mogelijk op je werk te verschijnen

En als dan op een nacht je niet meer kunt slapen wanneer je je realiseert dat de dagelijkse realiteit zich niet voegt naar jouw dromen, dan resten er je de volgende dag nog maar twee opties. Of de werkelijkheid vervormen tot, en presenteren als, succes. Of als medewerker met een burn out uitvallen, omdat jij er met je ‘can-do’ mentaliteit jezelf ervoor verantwoordelijk houdt dat de droom, je eigen droom, niet verwezenlijkt is.

En zo zijn er nog vele pseudo wijsheden die door naar de kracht van de innerlijke stem te verwijzen, droomkastelen bouwen en velen los zingen van de realiteit. Waardoor niets anders rest dan vervorming van diezelfde realiteit en/of een burn out leiden.

Het ergste van naar je innerlijke stem luisteren is dat het, volgens de groeiende beroepsgroep van coaches, het middel is om jezelf te vinden. Het eindigt bijna altijd met teleurstelling als je jezelf al chips etend op de bank aantreft.

Om de wereld weer te kunnen aanschouwen zo als die is, is een eerste stap te stoppen met naar je innerlijke stem te luisteren. Je innerlijke stem is niet zelden de afgunstige jaloerse ‘ik’, die zich met anderen vergelijkt en het vervolgens beter wil doen. Niet alle antwoorden zijn in onszelf te vinden.

In plaats van eerst naar je innerlijke stem, intuïtie, te luisteren, is het veel effectiever om eerst belangstelling te tonen voor je omgeving en je begrip daarvan te vergroten. Om dan een beslissing te nemen en te handelen. Kortom om je hersens te gebruiken en even na te denken. Een schijnbaar steeds schaarser gewoonte in de huidige wereld, gezien de veelvuldig voorkomende verwijzing naar het gevoel om een beslissing te rechtvaardigen. Het gaat erom belangstelling te tonen naar wat mensen ergens over te vertellen hebben, om naár buiten te kijken en open te staan voor andere mensen, cultuur en natuur. Daar valt veel meer kennis en inzicht te vinden dan in je eigen binnenste.

Positief denken is een soort van algemeen geaccepteerde volkspsychologie geworden, zeker binnen het bedrijfsleven. De tirannie van positiviteit. Die eventuele kritiek al snel in de kiem smoort. Het wordt een soort gedachtecontrole als je alleen positieve aspecten van het bestaan mag benadrukken en komt daarmee ook verder weg te staan van je dagelijkse beleving. Positiviteitsdwang leidt tot onrealisme. We willen wereldklasse of top vijf zijn, maar dat is natuurlijk voor de Meesten niet weggelegd. Een simpel rekensommetje leert dat niet alle bedrijven in de top 5 terecht kunnen komen. Een meer realistische ambitie van bovenaan in de middenmoot kan op weinig enthousiasme van de managers rekenen.

De positiviteitsdwang creëert de gedachte dat alleen het beste goed genoeg is, en blijkbaar kan worden bereikt door groots en positief te dromen.  Vergetende dat er ook nog wel andere externe factoren mee moeten spelen, je ook bereid moet zijn te investeren om de beste te worden en enig geluk is vaak ook onontbeerlijk. Met alleen voelen en naar je innerlijk kijken gebeurt er niks. Positiviteitsdwang leidt tot positieve illusies. Ingebeelde ideeën dat je net iets intelligenter bent dan je bent, net iets beter bedrijf bent dan je bent, …. ideeën die in een positieve richting zijn aangedikt.

Als je niet negatief of kritisch mag zijn wordt het leven bijna onmenselijk. Ja zeggen tegen nieuwe uitdagingen wordt als goed beschouwd, terwijl vriendelijk nee zeggen wordt vertaald als een uiting van ontbrekende moed of een gebrek aan bereidheid tot verandering. Een andere drijfveer om vaak ja te zeggen, is de angst om iets te missen. Probeer je toch alleen positief te zijn en zeg je steeds ja, dan loeren stress en depressie op hun kans.  Bovendien is de eis van ‘ja’ zeggen tamelijk slaafs en wellicht zelfs vernederend. Licht onbehagen creëren, door bijvoorbeeld te mopperen, helpt om eraan te wennen dat het leven niet altijd goed voelt. Want als het enige wat we kennen welbehagen is dan wordt het heel moeilijk om een toekomstig onbehagen te verdragen, zoals dat onvermijdelijk in ieders leven voorbijkomt.

Niets gaat vanzelf goed, wel vanzelf fout.

Niet alles in de wereld is mooi en glimmend.

Misschien wordt het tijd om ook eens over te gaan tot negatief denken. Ten behoeve van enige realiteitszin, relativering en zelfspot. Het gaat er niet om hoe je jezelf vindt, hoe je je ambitieuze zelf tot voorbij je mogelijkheden ontwikkeld tot de perfecte zelf, maar hoe je genoegen kunt nemen met jezelf en daarmee je ambities vormgeeft.

Concentreer je eens op de negatieve kanten van je leven. Als je elke dag over je sterfelijkheid nadenkt, dan zal je het leven meer waarderen. In het licht van het allerergste wat je kan overkomen, valt de dagelijkse praktijk meestal nog wel mee. Andersom, in het licht van het positivisme en het alles-kan dromen, is de dagelijkse praktijk vaak wel heel mager, en groeit de onvrede. De aandacht voor het negatieve geeft je de kans problemen aan te pakken en tevreden te zijn met wat je hebt. Bovendien geeft het negatief denken je toestemming om te praten over dingen zoals je echt wilt/denkt. Als je geen toestemming hebt om te praten over omstandigheden op je werk die voor kritiek vatbaar zijn – maar je alleen mag concentreren op succesverhalen – dan is het resultaat daarvan al gauw gefrustreerde ontevredenheid.

Het bewust visualiseren van het mogelijk negatieve is als een soort tegenbalans voor de positieve dwang. De combinatie van beiden helpen ambitie te combineren met enige realiteitszin en daarmee met waardigheid. We kunnen niet alles alleen oplossen, maar we kunnen er wel mee leren leven. Liever de realiteit onder ogen zien, dan te leven in de wereld van een dwaas.

 

Gebaseerd op boek: Standvastig, het anti zelfhulp boek van Svend Brinkmann

 

Geplaatst in Merkrelaties en communicatie, Merkrelaties en medewerkers, Organiseren via relaties | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

De communicatie paradox van social media

We zijn nog nooit met zoveel mensen gelinkt, maar ontwikkelen tegelijkertijd een groeiende terughoudendheid voor persoonlijk contact.

Social media heeft onze mogelijkheden om met elkaar te communiceren, in hogere frequentie en met meer mensen, dan daarvoor mogelijk was. En dit heeft ons veel gebracht. Maar er blijkt ook een andere zijde te zijn, vooral zichtbaar bij degenen die doorslaan in social media gebruik. En zich verschuilen in hun social media cocon. Communiceren is voor hen verworden tot niet meer dan het uitwisselen van (tekst en beeld) berichten, het delen van informatie. Maar live, met elkaar communiceren heeft meer te bieden dan dat, het gaat niet alleen om delen, maar ook om interactie en verdieping, gaat ook om elkaar echt te leren kennen. Maar die communicatievorm kost tijd en daar hebben wij, of gunnen we ons, steeds minder van.

Het is niet alleen dat wij het te druk hebben om ons bezig te houden met anderen, maar we hebben ook een versterkt instinct voor zelfbescherming ontwikkeld. Communiceren via tekstberichten of sociale media geeft je veel meer controle over jouw communicatie en over hoe je overkomt dan je hebt met live telefoongesprekken of face-to-face gesprekken. Waarin je de kans loopt te veel te onthullen of je met onverwachte zaken wordt geconfronteerd. Mensen die veel social media gebruiken, geven vaak blijk van een zekere vermoeidheid als gevolg van de moeilijkheden van het leven met mensen. Echte mensen vergen te veel, zijn onvoorspelbaar en stellen voortdurend teleur. Geconfronteerd met hoe moeilijk het is om familie en vrienden te begrijpen trekt de social media fanaat zich terug in autosimulatie, en simuleert communicatie en vriendschap. Neemt van anderen wat hij kan gebruiken, namelijk die delen die zijn eigen zelfbeeld opvijzelen.

Dit manifesteert zich vervolgens in een afkeer van persoonlijke confrontaties, waarin social media representatie en de echte wereld elkaar kunnen raken. Ondanks alle onaangename dingen die zich online ook afspelen, is deze afkeer van persoonlijke confrontatie nu sterker dan bijvoorbeeld 10 jaar geleden. We vinden het moeilijk om in gesprek te gaan, mensen aan te spreken of om aangesproken te worden. Kortom contact maken in het echte leven lijkt steeds moeilijker voor een groeiende groep. Waardoor elkaar leren kennen in het echte leven steeds minder plaatsvindt en we voor het ‘ daten’, de persoonlijke confrontatie bij uitstek,   afhankelijk worden van matching software en app’s voor allerlei behoeften, zodat de kans op een blauwtje nihil is en je afwijzingen in de vertrouwelijkheid van je eigen social omgeving kunt verbergen. Waarbij de propositie van Tinder: Discover those around you, wel het duidelijkst illustreert dat we liever contact maken via de telefoon, zelfs als je al in mijn buurt bent.

Een situatie waarin mensen in hun eigen sociale filter continu zelf bevestiging zoeken, en we uiteindelijk bang worden voor het aanspreken van de ander. Die we niet alleen niet meer leren kennen in het echte leven, maar ook steeds moeilijker mee samen kunnen leven of samen kunnen werken in direct contact. De potentiële partner, de vriendschappen, degene met een andere mening, de vluchteling, de buitenlander, de collega, de ander (die mijn baan misschien wel komt inpikken), ……

We maken de wereld steeds kleiner voor onszelf en creëren een soort beeld van vriendelijkheid, succes en geluk in onze eigen cocon en bannen de risico’s en het onvolmaakte uit. Kijk eens naar de ontwikkeling van Sesamstraat. Was dat vroeger een beetje vuig en grootstedelijk met af en toe wat rafelrandjes, is het nu een meer kleinsteeds tafereel van isolement en absolute vriendelijkheid. We beschermen onze kinderen zo al voor de boze buitenwereld en de risico’s van het leven door deze weg te denken. We moffelen het persoonlijk conflict steeds meer weg en het risico daarop gaan we steeds meer uit de weg. Door het vermijden van persoonlijke gesprekken en onze toevlucht te nemen tot een surrogaat manier van communiceren in een surrogaat omgeving die wij op social media zelf creëren. Zie de facebook accounts die een etalage zijn van een door genieten gedomineerd, succesvol en interessant leven, zonder tegenslagen en waar alles koek en ei is.

De hipster is de verpersoonlijking hiervan, met de uiterlijke kenmerken van een robuuste man met baard en tattoo’s, maar dan gecombineerd met vrouwelijke verzorgdheid. Zolang het maar niet te confronterend is.

Maar als wij ons zelf willen leren kennen kan dat alleen in relatie tot anderen. Wat ben ik voor wie, wat kan ik voor wie betekenen, hoe zien anderen mij en ik hen, wat zijn mijn talenten en wat zijn die van jou. Hoe verhouden we ons tot elkaar. Kortom wij hebben andere mensen nodig om ons bewust te worden van onze eigen individualiteit. Maar dan gaat het wel over mensen met een directe beschikbaarheid. Over persoonlijk face-to-face contact. En niet via een representatie van mensen die toegesneden is op mijn of hun eigen psychisch comfort. Omgekeerd moet ik mijzelf ook aan hen beschikbaar stellen op een manier die een risico voor mij vormt en de vrees voor het oordeel van de ander moet ik dan trotseren. En ter geruststelling in 99 van de 100 gevallen is het oordeel van de ander veel minder erg dan we ons van tevoren in ons hoofd halen, sterker nog valt het dermate mee, dat we er zelfs erkenning uit halen en ons gewaardeerd voelen.

Communiceren via direct face to face contact maakt het mogelijk om elkaar echt te leren kennen, iets gemeenschappelijks te voelen je echt verbonden te voelen met de mens zelf. Direct contact in levenden lijve blijkt te helpen om je te realiseren wat ons met de ander verbindt, in plaats van dat wat ons verschillend maakt. Wanneer verbinding niet meer is dan een connectie via social media, als we ons liever verschuilen achter ons social media account, dan wordt die persoon nooit een mens van vlees en bloed. Is het een connectie met de representatie van iemand die je wel of niet kunt gebruiken op een bepaald moment. En is de kans dat er iets gemeenschappelijks ontstaat nihil. Dan vervreemd je van je contacten, je vervreemdt van mensen in je omgeving en je vervreemdt van de maatschappij. En daar hebben we de paradox, in een tijd dat meer mensen dan ooit met elkaar verbonden zijn in allerlei netwerken, we steeds minder echt met elkaar praten en we vervolgens steeds meer van elkaar vervreemden. De toename van communicatie mogelijkheden en het aantal contacten, leidt tot een afname (van de kwaliteit) van communicatie en interactie.

Geplaatst in Merkrelaties en communicatie, Uncategorized | Tags: , , , , , , | Een reactie plaatsen

Hernieuwde waardering van ‘kwaliteit’, luidt dit de comeback van de vakman in?

Pogingen van organisaties om vakmanschap te scheiden van de mens, bedreigt de vakman in zijn bestaansrecht. Het resultaat, goedkope spullen maar het voelt voor steeds meer mensen als een verlies van kwaliteit. Maar de toenemende schaarste van kwaliteit, leidt nu juist weer tot een herwaardering daarvan. Er ontstaan een nieuwe kansen voor de vakman, kansen voor producten en diensten die verrijkt zijn met liefde en aandacht. Een pleidooi voor kwaliteit en vakmanschap.

 Steeds vaker zie je in het openbare leven en in bedrijven het vakmanschap verdreven worden. Door de druk van efficiëntie en het streven naar continuïteit zijn bedrijven bezig om vakmanschap te rationaliseren en los te weken van de persoon, om zo schaal voordelen te creëren. Tot nu toe leidt dat vooral tot efficiëntie, voorspelbaarheid en daarmee lagere prijzen, maar helaas wel vaak ten kostte van kwaliteit. Dit komt doordat vakmanschap verbonden is aan de mens. Het ontstaat in een traditie waarin expliciete kennis en impliciete kennis gecombineerd via empirische ervaringen van mens op mens doorgegeven wordt.

Het assortiment van McDonalds

Het assortiment van McDonalds

En de efficiënte productie keuken

En de efficiënte productie keuken

 

 

 

 

 

Vakmanschap wordt steeds meer teruggedrongen in het maatschappelijk leven. Een oud voorbeeld is McDonald’s, de grootste restaurant keten van de wereld heeft geen koks in de restaurants rondlopen. Maar ook op andere terreinen zie je dit, in weinig supermarkten is nog een bakker, slager of groenteman aanwezig. Een goede loodgieter begint schaars te worden en onderhoud van auto’s gebeurd vooral via de checklist en het draaiboek uit de computer. De vraag is dan ook of de monteur de vakman is die alles van auto’s weet, of gewoon goed is in het volgen van instructies en het afvinken van de checklist.

Het verschil zit hem ook in het opleiden en inwerken van medewerkers. Krijgen zij een e-learning voorgeschoteld waarin zij in een uur leren hoe zij een hamburger moeten bakken, of is er sprake van een rolverdeling tussen leerling – meester. Waarin de leerling al doende leert, onder het toeziend oog en coaching van de meester in de keuken, de ervaren kok. In het begin moeten  wij als leerling veel dingen op goed vertrouwen aannemen, moeten wij ons onderwerpen aan het gezag van onze leraren, die weer van hun leraren hebben geleerd. Maar als de ervaringen rijker en breder worden, dan kan de leerling meer van zijn eigen ideeën kwijt, leunend op de traditie kan deze verder voortbouwen. Door onze ontmoetingen met andere mensen, in conflict en in samenwerking, schraagt zich via liefde en aandacht het vakmanschap. Dit werkt alleen als die ‘andere mensen’  concrete anderen zijn van wie wij ons kunnen onderscheiden, en niet vertegenwoordigers van een abstract publiek, van iets algemeens, iets gemiddeld.

De rol van de meester is niet alleen het inwerken van nieuwe medewerkers, maar ook om het voortouw te nemen in innovatie. Dat hij de leerzame elementen uit de traditie neemt [ervaringen uit het verleden], daar kritisch naar kijkt, er mee gaat experimenteren en ze koppelt aan een beeld van perfectie dat in de toekomst moet worden bereikt. Om dit te kunnen moet de meester, de vakman, alle elementen van zijn vak kennen en doorgronden.

Op veel vakgebieden is er de afgelopen jaren sprake van een informatie explosie. Deze is zowel behulpzaam als storend, behulpzaam omdat het je op ideeën brengt, maar storend omdat je verder moet met jouw eigen project. Het is de vakman die snel kaf en koren kan scheiden. De uitvoerder zal zich afsluiten van die informatie en zich beperken tot het uitvoeren van zijn project.

De vakman zal uit de informatie voor hem de zin en onzin scheiden en een nieuwe (verbeterde) toekomst ontwerpen/vormgeven. En niet blijven hangen in het verleden in wat al eens gedaan is. Om te leren van een traditie moet je in staat zijn om er tegenaan te duwen en je er niet wegens een overdaad aan eerbied voor moet buigen. Het gaat er niet om dat je de resultaten van de traditie kopieert, maar dat je tegen dezelfde problemen aanloopt als je voorgangers en ze tot je eigen problemen maakt. [en deze oplost met jouw middelen, ervaring en expertise en in de context en mogelijkheden van deze tijd] Dat is hoe een traditie levend blijft en vernieuwing vanuit de traditie door kan blijven gaan.

Wij worden aangetrokken tot voorbeelden van menselijke perfectie, zoals in onze liefde voor sport. Maar ook in ons werk worden velen gedreven door het streven naar perfectie. Bij uitstek de drijfveer van de vakman. Hij vindt zijn weg door de combinatie van leren, doen en creëren. Een proces dat door verdergaande automatisering en robotisering nog verder uit elkaar getrokken kan worden.

We hebben de vakmensen dan ook harder nodig dan ooit. Maar gelukkig is er een kentering gaande. Door de ontstane schaarste in kwaliteit, wordt deze opnieuw gewaardeerd. Niet voor niks het eerst zichtbaar in de branche waar de vakman als een van de eersten uit beeld verdween, de hamburger business.

De vernieuwing, een Hambureger keten met een ambachtelijke Hamburger

De vernieuwing, een Hamburger keten met een ambachtelijke Hamburger

.. ontwikkelt door de meester 'Robert Kranenborg'.

.. ontwikkelt door de meester ‘Robert Kranenborg’.

 

 

 

 

 

 

Is de hamburger(-ervaring) van McDonald’s net zo lekker als de hamburger die met zorg bereid wordt door een kok? Een vakman die heeft leren koken in plaats van heeft leren hamburgers te bakken volgens een draaiboek. De kwaliteit begint weer terrein te winnen, mensen gaan het verschil zien, proeven en ervaren. En hebben in toenemende mate geld over voor het kwaliteitsverschil. En we zien ze nu overal opkomen, hamburger ketens/initiatieven waar wel een kok in de keuken staat: Thrill Grill, Rubens Hamburger, Burgers & Wines, Beer & Burgers, De Burger, ….

Uiteindelijk is de keuze, ga ik voor de discount efficiency oplossing, de goedkopere warme laffe hap, of voor de kwalitatieve duurdere maar smakelijkere oplossing. Door de herwaardering van kwaliteit zal deze keuze op meer gebieden ontstaan, en zal de kwaliteit van de ervaring meer gewaardeerd worden dan alleen het afvinken van de ervaring (op de bucketlist).

Eet smakelijk

Kwaliteitsimpuls in de Hamburger economics.

 

 

 

 

 

Geplaatst in Merkrelaties en communicatie, Merkrelaties en klanten, Merkrelaties en medewerkers, Organiseren via relaties | Tags: , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Gemeenschapszin, Bildung, Vrijheid; potentiele bron van betekenis voor merken en werkgevers (en politieke partijen)

Er lijken in de huidige maatschappij 3 dominante kernwaarden te ontstaan. Kernwaarden waar merken en werkgevers zich mee moeten verhouden om relevant te blijven. In hun marketing, in hun bedrijfsvoering en in hun HR-beleid. En wellicht ook wel iets waar de politiek zijn voordeel mee kan doen in het huidige tijdsgewricht.

We leven in turbulente tijden, de maatschappij wordt behoorlijk door elkaar geschud. Niet alleen volgen veranderingen elkaar in hoog tempo op, ook de gevolgen voor mens en maatschappij beginnen zich aan ons op te dringen. Doorgaan op de vertrouwde weg lijkt een steeds minder reële optie, ondanks wat populisten u en mij voorhouden. Het vertrouwde houvast om ons heen begint te schuiven, we worden steeds meer teruggeworpen op onszelf. Niet verwonderlijk dat we dan uitkomen bij onze kern. Wat zijn nu, in deze tijden, belangrijke(r wordende) waarden voor ons.

gemeenschapszin2

Goede morgen, een gemeenschappelijke taal?

Gemeenschapszin

We hebben een steeds meer afbrokkelende gemeenschappelijke morele bodem. We zijn vooral pragmatisch en instrumenteel in de weer. Aan het doen. Maar alleen maar doen zonder moraal, leidt tot willekeur. Waardoor niemand meer begrijpt wat de gezamenlijke basis is van waaruit de organisatie [of de samenleving] functioneert.

We hebben niet zozeer meer behoefte aan nog meer materiële middelen, maar aan aandacht, houvast en betekenis van dat wat we doen. Wat we delen in Europa is dat we allemaal koortsachtig op zoek zijn naar méér dan instrumentalisme en rationaliteit alleen.

Burgers vragen meer dan alleen oplossingen van de politiek. Zij vragen ook om ideeën. Rationaliteit en instrumentalisme zijn niet voldoende om het hoofd te bieden aan het toenemend populisme, hard roepen wat het volk wil horen zonder te toetsen op moraal.

De vraag moet niet steeds zijn hoe een probleem kan worden opgelost en wat dat dan kost. Goed en fout hebben te maken met cultuur en moraal. En dat kun je vaak niet berekenen. Ieder van ons (zo ook organisaties) heeft een moreel fundament nodig om je koers te vinden in deze complexe werkelijkheid. Als je via je morele fundament zoekt naar de beste oplossing, dan is de volgende stap hoe dit te realiseren en daar middelen voor te alloceren. Zo overstijg je de focus op het doorrekenen van oplossingen van de problemen van gisteren.  Je werkt aan een betere wereld met het zicht op de toekomst, en dat gaat verder dan het oplossen van problemen het gaat om het actief vormgeven van een nieuwe betere toekomst. Voor je bedrijf, je klanten, je medewerkers en je omgeving (in willekeurige volgorde). Door een gebrek aan een gezamenlijk morele bodem zijn we vervallen tot instrumentalisme en komen we niet verder dan problemen van het verleden oplossen. En komt betekenis niet meer aan bod.

Ook voor merken is het van cruciaal belang om je actief bezig te houden met de cohesie van de samenleving. De samenleving vormt ‘ onze’ markt en die van onze klanten. We’re fucked als het daar misgaat.

islieb-bildungBildung

Bildung wil zoveel zeggen als ontwikkeling en groei. Veel van onze idealen hebben vorm gekregen in boeken. Het boek is steeds meer aan het marginaliseren. Steeds minder mensen vinden de rust om een boek te lezen. Boeken vragen om een zekere inspanning. De lezer moet zich langere tijd concentreren op een samenhangend verhaal. Daar is verbeelding voor nodig, om door het lezen van een boek een imaginaire wereld te creëren. Boeken lezen vormde tot op heden een goede manier om zelf te leren denken.

Het is nog maar de vraag hoe we kritisch en creatief kunnen blijven als het boek zoals we dat nu kennen verdwijnt. Zonder verbeelding wordt het lastig om de toekomst van de samenleving vorm te geven.  Kunnen bedrijven een alternatief bieden. Kunnen bedrijven hun klanten en medewerkers helpen bij hun Bildung. Kunnen medewerkers groeien en zich ontwikkelen bij een bedrijf, krijgen zij ruimte en tijd om ideeën, gedachten en idealen te vormen in het domein van het bedrijf.

De voordelen voor organisaties zijn helder, medewerkers die mee helpen en denken aan het vormgeven van een toekomst in een steeds sneller veranderende wereld, stelt het bedrijf in staat sneller te reageren op de markt en maakt dat medewerkers zich verder ontwikkelen en het gebruik van talent wordt geoptimaliseerd. Maar zijn bedrijven (lees de leiders managers van nu) bereid hierin te investeren door de efficiency en normen druk te verminderen, de controle focus en bijbehorende micro management los te laten, staan zij open voor ideeën van onder uit de organisatie, de rol te verlaten van de alwetende roerganger? Zodat mensen weer inhoudelijke ruimte en tijd krijgen om na te denken en te reflecteren tijdens het werk. Tijd om te vertragen om vervolgens te versnellen.

Vrijheid is ook een beetje meer hoffelijkheid. En ieder zijn mening gunnen.

Vrijheid is ook een beetje meer hoffelijkheid. En ieder zijn mening gunnen.

Vrijheid

Vrije meningsuiting is een van de kernwaarden die je als noodzakelijke voorwaarde voor allerlei andere waarden kunt beschouwen. Wij vinden het normaal om te zeggen wat we ergens van vinden, dit te mogen en eigenlijk ook dat ernaar geluisterd wordt. Voor iedere mening weten we inmiddels wel een publiek te vinden.

We voelen ons vrij om te zeggen en te doen en te laten wat we willen. Zo vrij zelfs dat de andere waarde, gemeenschapszin, weleens in het gedrang komt. Of verschillende sub-gemeenschappen elkaar dezelfde vrijheid van een eigen mening niet meer gunnen. En de hoffelijkheid als eerste het slachtoffer wordt. Terwijl hoffelijkheid de smeerolie is voor gemeenschapszin, voor een goed functionerende samenleving. Vrijheid en hoffelijkheid moeten hand in hand gaan, want de vrijheid van de één mag niet verworden tot de beperking van de ander.

Ook voor organisaties geldt dat zij een manier moeten vinden hoe zij met de vrijheid van klanten en medewerkers omgaan. Klanten die vrijelijk hun genoegen of ongenoegen over een merk over social media ventileren. Die zich in hun vrijheid ontpoppen tot ambassadeur of criticaster. Of medewerkers die autonomie verwachten. Die verwachten dat er naar hun mening geluisterd wordt, ongeacht hun positie in de organisatie. De hiërarchische structuur van bedrijven.

Kortom de aantrekkelijkste merken en de aantrekkelijkste werkgevers van de toekomst zijn die organisaties die een relevante en geloofwaardige invulling kunnen geven aan waarden als Gemeenschapszin, Bildung en Vrijheid. En op deze manier echte betekenis hebben voor het individu en de maatschappij. (Wellicht ook nuttig voor politieke partijen die een alternatief willen bieden voor doorgeslagen patriottisch en isolationistisch populisme)

Geplaatst in Merkrelaties en communicatie, Merkrelaties en klanten, Merkrelaties en medewerkers, Organiseren via relaties | Tags: , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Ambitie, de wolf in schaapskleren

wolf-in-schaapsklerenMensen hebben behoefte aan erkenning, waardering en trots. Het streven daar naar krijgt vorm in ambitie. De mens is van nature een ambitieus wezen in die zin dat hij ergens naar streeft, iets wil bereiken. Dit is de positieve uitleg van ambitie, die in het bedrijfsleven hoog gewaardeerd wordt. Het zal me niet verbazen als ambitie en het maken van carriere dan ook nauw met elkaar verbonden zijn.

Maar is ambitie wel altijd zo positief en is het vaak ook niet veel meer dan een verschijningsvorm van de angst om vergeten te worden. De Maatschappelijke status van ambitie is dermate hoog dat het doorslaat naar een moeten willen.

Denken zonder willen leidt tot niets, maar willen zonder denken loopt uit de hand. Donald Trump speaks during a rally at Mohegan Sun Arena in Wilkes-Barre, Pennsylvania on October 10, 2016. / AFP PHOTO / DOMINICK REUTER

Denken zonder willen leidt tot niets, maar willen zonder denken loopt uit de hand.

Ambitie kan ook gevaarlijk worden, wanneer in de voortdurende strijd tussen denken en willen, willen de overhand krijgt. Waardoor ambitie en eerzucht vrij spel heeft.  Zie maar de vele schandalen veroorzaakt of geïnitieerd door ambitieuze individuen. Onze cultuur is vergeven van blinde willers die succes definiëren als zichtbaarheid.

 

Ambitie is een onbedwingbare lust om zaken te verbeteren. Het probleem is dat ambities voor een groot deel door de maatschappelijk context worden gestuurd en niet door de overtuigingen van een individu. In bedrijven gaat dit, via het behalen van concrete resultaten, uitgerdukt in door het bedrijf vastgestelde, door aandeelhouders verwachtte, KPI’s. Deze concrete resultaten zijn het vehicle van vandaag de dag waarmee de wens om gezien te worden via het werk ingevuld kan worden, de kans om iets te lijken (en niet per se iemand te zijn).

Voor ons is dat inmiddels bijna vanzelfsprekend, ambitie, werk, zichtbaar zijn en resultaten halen. Maar je zou het ook kunnen omkeren, je bent juist iemand wanneer je niet waargenomen wordt. Want dat betekent dat je bezig bent met studeren, met leren, met je ontwikkelen. Of dat je de tijd neemt, dat je bedachtzaam bent.

In het dagelijks leven wordt ambitie als vanzelfsprekend aan werk gekoppeld. Gek, nog geen eeuw geleden besteedde men liefst zo min mogelijk tijd aan werk. Nu is je baan je aanzien. Maar goed beschouwd is de eigen loopbaan maar een banale invulling van ambitie, dat in essentie veel verder kan gaan. Moeten we niet gewoon de ambitie koesteren om een fijn leven te leiden (waar werk en prive in samenkomen en niet per se in gescheiden zijn). Een gezonde ambitie is wellicht niet alleen gericht op het eigen ik, maar strekt zich uit tot de omgeving, verbondenheid met de wereld. Een echt ambitieuze persoon enthousiasmeert eveneens zijn omgeving, die hem als een voorbeeld ziet.

Kortom wordt het niet tijd om onze vertaling van ambitie in werk eens onder de loep te nemen. En verder te kijken dan de eendimensionale vertaling van ambitie naar resultaten scoren en (materieel) succes, waardoor ambitie al zoveel schade aan heeft kunnen richten.

Geplaatst in Merkrelaties en communicatie, Merkrelaties en klanten, Merkrelaties en medewerkers, Organiseren via relaties | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

Verwondering is geen wonder …. wel bijzonder

zeeijsspiralenVerwondering, een inspirerende prikkel tot verandering en betekenis in je dagelijks werk.

Werkgevers regisseren liever een schijn opwinding bij hun medewerkers en structureren hen in vaste processen en procedure, dan hen ruimte te bieden voor ontwikkeling, kritisch en onafhankelijk denken en eigen keuzes maken. En dat is richting de klanten van die bedrijven veelal niet anders. In een tijd van efficiëntie-, resultaatgerichtheid en controle moet de relevantie en de uitkomsten van projecten van voorspelbaar zijn en tot kwantificeerbare resultaten leiden. Bedrijven zijn in deze veranderlijke wereld als de dood voor onvoorspelbaarheid en omarmen daarmee voorspelbaarheid als belangrijk streven in de bedrijfsvoering van de organisatie. En in de druk-druk-druk werkomgeving waar medewerkers structureel te weinig tijd hebben om hun taken uit te voeren, staat niemand echt stil bij deze ondraaglijke saaiheid die het bedrijf langzaamaan steeds meer kenmerkt. Want wie het heel druk heeft, verandert (of vormt)  zelden van mening (Friedrich Nietzsche). Tot de bewustwording opeens zijn intrede doet.

Bedrijven voelen zich voor de buitenwereld vaak wel wat ongemakkelijk met dit streven naar saaiheid in de bedrijfsvoering. Ze zien zichzelf het liefst als een dynamische werkgever met volop kansen voor talentvolle mensen. Zij doen dan ook vaak verwoede pogingen de saaiheid te verkopen als opwinding. En zo maken bedrijven het nog veel erger. Daarmee suggereren zij iets wat er niet is, en medewerkers weten dat als geen ander. De bewustwording wordt door die bedrijven dan zelf in gang gezet, waardoor de eigen medewerkers het gemis alleen maar meer voelen.

Bedrijven die de saaiheid willen doorbreken, moeten dat niet in communicatie gaan zoeken. Vanuit de gedachte: Als ik maar heel hard roep hoe inspirerend het bij ons is, gaan mensen dat vanzelf wel denken. Het doorbreken van saaiheid ligt in bedrijfsvoering zelf. In de experience die medewerkers opdoen in hun dagelijkse werk. Daarbij biedt het concept verwondering misschien wel houvast. Verwondering is dan niet iets onverwachts om bang voor te zijn, het is een onverwachte kans voor vernieuwing en verandering. Het is toch juist het top management dat een verander-agenda heeft. Zij willen toch zo graag betekenis geven aan het werk. Verwondering is daarin een eerste stap.

Verwondering is de prikkel van een nieuw inzicht, en daarmee een begin van daadwerkelijke verandering. Verwondering geeft betekenis, verwondering is relevant onderscheidend en bovenal aantrekkelijk voor grote groepen mensen. En dit geldt al helemaal voor de talentenprofielen waar denkkracht, verbeelding, visie en creativiteit bovengemiddeld aanwezig zijn, alsmede een gezonde dosis zelfvertrouwen. Waardoor zij zich aangetrokken voelen tot de staat van verwondering. In een wereld die blijft veranderen en waar het nastreven van voorspelbaarheid op voorhand al een kansloze missie is geworden. Is verwondering een motor achter vernieuwen en vernieuwing, achter ontwikkeling en zinvol werk verrichten.

De verwondering kunnen werkgevers op verschillende wijze zoeken /faciliteren. Verwondering over de impact van het bedrijf op de maatschappij, verwondering over wat je als medewerker daar zelf in kunt betekenen, verwondering over de betekenis voor klanten, verwondering over tot welke inzichten dit leidt. Zo krijgt werk betekenis en verbindt het de dingen die je doet. En het verbindt de dingen die er nu eenmaal zijn met de emotie, met het gevoel, met esthetiek. Een bron van gevoelde meerwaarde. berglandschapIk ben bijvoorbeeld graag in de bergen. Functioneel gezien is een berg er gewoon, maar de schoonheid van de berg, de natuur, de geur en de stilte die zijn er niet zomaar, en toch ervaar ik die. Voor mij heeft een berglandschap iets overweldigends, ik blijf me erover verwonderen en dat geeft een berglandschap voor mij haar betekenis die verder gaat dan het functionele. En als je je dan realiseert dat op deze manier de wereld vol van betekenis is, is dat al verwonderend op zichzelf.

Verwondering als medicijn voor de steeds toenemende mentale luiheid. Steeds meer heerst binnen bedrijven de verwachting van hapklare, makkelijk te consumeren producten, communicatie, opdrachten en taken. Op alles wordt een simplificering losgelaten, alles moet eenvoudig. Tuurlijk als het kan, waarom moeilijk doen als het makkelijk kan. Maar steeds vaker is de situatie echt complex en genuanceerd, en dan volstaan de simpele oplossingen niet meer. Dan is mentale activiteit nodig. Denken helpt!

Verwondering kan dit denken in gang zetten, op een positieve en prettige manier. Want verwondering vereist activiteit van mensen zelf. Verwondering geeft niet alleen energie, maar vereist dat je energie stopt in wat je ziet. Verwondering is een onverwacht inzicht dat je inspireert maar waar je ook wat mee moet. Via verwondering krijg je mensen in beweging en komen we dus verder.

Verwondering als doorleefde kernwaarden in een bedrijf heeft de potentie om de boel op te schudden, om de omslag te maken. Om bewust te worden van je mogelijke rol en de betekenis die jij daarin kan hebben. Verwondering is loskomen uit de dagelijkse dingen en opnieuw kijken naar een situatie, het is het begin van echt ‘out of the box’ denken. Verwondering heeft te maken met het doorbreken van de vanzelfsprekendheid. Verwondering is een bron van verandering, het is niet de verandering zelf. Het is een begin van verandering, een eerste prikkel, een eerste inzicht. Die tot denken aanzet en inspireert om tot invulling te komen.

ministerie-van-verwondering

Tot slot verwondering is iets dat de mens onderscheidt van de machine. En wellicht is dit wel de ware reden waarom bedrijven zo weinig met verwondering doen. Het liefst werken zij met voorspelbare, controleerbare en stuurbare machines, in plaats van met de wispelturige, veranderlijke mens. Maar als je een mens alleen als machine gebruikt, dan mis je een groot deel van zijn potentie tot meerwaarde. Voor het bedrijf en voor de klant. Dan zoek je in je bedrijfsvoering naar vervanging door een machine, in plaats van naar echte meerwaarde van en voor mensen.

 

Geplaatst in Merkrelaties en communicatie, Merkrelaties en klanten, Merkrelaties en medewerkers | Tags: , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen